‘Waar zijn wij nou helemaal mee bezig?’

Die vraag komt af en toe bij je op. Het komt ook voor dat anderen het aan je vragen. Dan is er meestal iets niet in de haak. ‘Waar ben jij nou helemaal mee bezig?’.

We staan voor een nieuw seizoen in de kerk en in het Kerk- en buurtwerk. Het is nog redelijk rustig. Regelmatig betrap ik mezelf erop dat ik nadenk over waar ik mee bezig ben. Als het drukker wordt, dan gun je jezelf minder tijd voor die vraag. Maar je kunt maar beter wél goed met die vraag bezig zijn. Want dan krijg je helder wat je moet doen.

Ik voel me zo onderhand best wel iemand van de Petrakerk. Ik werk er al een aantal jaren. Met veel belangstelling leef ik mee met wat er zoal gebeurt in de Petrakerk. Ik voel me zo onderhand ook wel iemand die thuis is in Lombardijen. Veel mensen komen bij ons doordeweeks. Helma en ik en andere vrijwilligers leven mee met mensen. De mensen uit de buurt komen hun verhalen bij ons vertellen. We luisteren en proberen te zorgen voor elkaar.

Na het horen van een verhaal komt spontaan soms de vraag naar boven: ‘Waar zijn wij mee bezig?’. Je krijgt soms de merkwaardigste verhalen te horen van de mensen in de wijk. Verhalen waar je zo 1 2 3 niets mee kunt, behalve dan aanhoren.

Als dat gebeurt, dan denk ik even: ‘Wat zouden we als kerk kunnen betekenen in het leven van mensen met zúlke verhalen?’. De kerk heeft – hoe je het ook bekijkt – een grote schat in beheer. Want in de kerk weten we – of hóren we te weten – waar we mee bezig zijn. Wij ‘weten’ of ‘geloven’ hoe het goede leven eruit ziet. We zouden er minstens met elkaar over kunnen praten of nadenken. Want in de kerk en in de wijk zijn we allemaal – kerklid of niet – op zoek naar het goede leven. Iedereen wil gelukkig en waardig leven, gezond, gezellig met de kinderen.

Hetzelfde verlangen naar het goede leven vind je bij de mensen van de kerk én de mensen in de wijk. Trouwens: de mensen in de kerk zijn ook mensen in de wijk. De grens tussen de kerk en de wijk wordt voor mij steeds vager. Werken voor de mensen in de wijk verschilt voor mij niet van werken voor de mensen in de kerk. Praten met mensen over belangrijke dingen is het voornaamste wat je als pastor doet, waar dan ook. Het maakt niet zoveel verschil of je dat op zondag doet of op maandag en dinsdag. Overal en altijd hebben we als mensen te maken met elkaars verlangen naar het goede leven. Tussen haakjes: ‘Goedleven’ is een buurtschap in Zeeland op de grens van Nederland en België.

Bart Starreveld

Elke stem telt

De verkiezingen naderen en net als overal in het land zijn er ook in Lombardijen mensen die hun vertrouwen in de politiek verloren hebben. Dat is jammer. Landelijke politiek is ver weg, maar lokale politiek heeft veel invloed op het dagelijks leven, In een wijk als Lombardijen heeft het lokale armoedebeleid bijvoorbeeld direct effect op de financiële ruimte van huishoudens. Ik vind het daarom belangrijk om met mensen in de buurt te praten over politieke kwesties, zonder een mening op te dringen. Over de verkiezingen werd gesproken in de twee taalgroepen, heel basaal en in de table talk. Via de stichting ‘Pro Demos’ ontvingen we 60 exemplaren van de verkiezingskans voor laaggeletterden en die zijn al bijna op.

De table talks die Ivianey Lakker organiseert om eens per maand over een onderwerp te praten, zijn een uitstekende gelegenheid om over serieuze onderwerpen te praten. De opkomst ligt rond de zes tot twaalf vrouwen. Dat is een bescheiden groep die zich leent om wat meer de diepte in te gaan. In oktober ging het gesprek over het woonreferendum en vorige week ging het dus over de verkiezingen. Om meer ouders te bereiken, werd de table talk gehouden in de ouderkamer van basisschool Open Venster. Er werd geen politiek standpunt verkondigd.

Het was een goede ochtend, waar ik met een blij gevoel vandaan kwam. De aanwezige ouders begonnen met hun wantrouwen tegenover de politiek te uiten. De spreker legde uit hoe vanuit de stembusuitslag de kamer wordt samengesteld en dat politieke partijen altijd van meerderheden en compromissen afhankelijk zijn. Daarna werd gezamenlijk de stemwijzer ingevuld. De onderwerpen raken de ouders en er ontstond dan ook een levendig gesprek, waarbij ieder voor haar mening uitkwam, maar ook serieus werd geluisterd naar elkaars argumenten. Heel anders dan hoe het er soms op televisie en op social media aan toe gaat.

In de actieve politiek zijn bijna alleen nog maar mensen met een hoge opleiding. In een wijk als Lombardijen zou veel meer gedaan moeten worden aan vorming op het vlak van politiek en democratie om te zorgen dat de mensen die er wonen meer toegang hebben tot besluitvorming over dingen die hun leven raken. Deze bijeenkomst is daar een kleine stap in. We proberen ook meer mensen te betrekken bij de huurderscommissies en buurt bestuurt, dat is een andere stap.

Van geel naar groen

In december werd er veel vergaderd over de wijk. De gemeente Rotterdam maakt zich zorgen. Zorgen omdat het niet goed gaat met de wijk. Dat kun je zien aan de enquête die ieder jaar wordt gehouden. Daarin wordt buurtbewoners gevraagd hoe het met hen gaat: zijn de straten schoon, heeft u werk of gaat u naar school, hoe is het met uw gezondheid, leeft u goed samen met de buren? Van de uitslag maken ze kleurenplaatjes. Groen is goed, geel is minder, en als de kleur donkergeel of rood uitslaat, dan is het niet zo best. Bij de sociale vragen zijn de enquete-antwoorden in twee jaar tijd verkleurd van groen, naar geel, naar donkergeel. Op de vraag of men dezelfde opvattingen heeft als de mensen in de buurt, is de kleur geel. Daarom maakt de gemeente zich zorgen. Als mensen in één straat heel verschillende opvattingen hebben, dan zullen ze niet zo snel een babbeltje maken met elkaar en elkaar ook niet aanspreken als er rommel blijft liggen of als er overlast is.

Ook bij ‘meedoen’ is de kleur veranderd van groen naar geel. Dat is niet zo gek. Meedoen kost geld, bijvoorbeeld als je naar een sportschool wilt of een bridgeclub. De gemeente Rotterdam schafte de langdurigheidstoeslag af, heeft de kwijtschelding voor gemeente belastingen gereduceerd en bijzondere bijstand krijg je bijna nergens voor. Tel daar het oplopend eigen risico voor de zorgverzekering bij op. Er blijft steeds minder over voor mensen met een bijstandsuitkering of minimumloon. Dan is ‘meedoen’ niet meer te betalen en kleurt de enquête geel. Het lijkt simpel: verander het armoede beleid, dan verandert de kleur weer van geel naar groen.

Dat doet de gemeente niet. Wat doet ze wel: vaker de straten schoonmaken, mensen helpen om beter te solliciteren en meer aandacht voor verwarde personen. Wat er ook nog bij hoort is positief nieuws over de wijk. Maar hoe maak je dat? De meeste mensen voelen zich pas echt thuis in de wijk als ze contacten hebben in de buurt. Dat hoeven geen hechte vriendschappen te zijn, elkaar groeten geeft al een beter gevoel.

In de Thomas a Kempisstraat werd twee jaar geleden een buurtgroep opgericht. Bewoners werden uitgenodigd om samen te brainstormen over wat ze leuk zouden vinden. In het begin organiseerden ze een beauty ochtend. Daarna kwamen er plantenbakken, beschilderd door de kinderen. Nu gaan ze in gesprek met de woningcorporatie over de woonomgeving. Voor degenen die dat organiseren, is het wonen fijner. Ze zijn een beetje familie geworden van elkaar. Familie dichtbij en dat is belangrijk als je eigen familie ver weg woont. Dat is goed nieuws.
Bart en Helma en de vrijwilligers in de Petrakerk proberen op allerlei mensen met elkaar in contact te brengen. Als meer mensen elkaar kennen, dan kleurt de enquête hopelijk weer van geel naar groen: stralend fris groen!

 

 

Opvoedtafels: een mooie ochtend

Opvoedtafels? Wat zou dat zijn, dacht ik, toen ik een telefoontje kreeg van het Centrum voor Jeugd en Gezien of ik met hen de opvoedtafels wilde organiseren. Het bleek een variant te zijn op de dialoogtafels tijdens de week van de dialoog. Opvoedtafels zijn gesprekken over opvoeding tijdens de ‘week van de opvoeding’. Er wordt ook bij gegeten. Ze noemen dat een ontbijt, maar het is op een tijdstip dat ik mijn ontbijt doorgaans al lang achter de rug heb. Nadat even aarzelen heb ik JA gezegd, dat leek me een leuk idee. Want er zijn inmiddels leuke contacten ontstaan tussen jonge en oude moeders en dit was een mooie kans om deze contacten uit te breiden.
Samen met de vrijwilligers van Opvoeden in Lombardijen hebben we een programma gemaakt en folders verspreid.
Op 8 oktober 2015 was het dan zover. Om negen uur kwamen de eerste vrouwen met kinderwagens binnendruppelen. Een uur later zat de zaal vol met 35 vrouwen met uiteenlopende achtergronden: Nederlandse, Somalisch, Chinees, Marokkaans, Antilliaans en andere windstreken. Deels bleven ze in hun eigen groepje zitten en deels mengden ze door elkaar. Voor de Syrische vrouwen was een tolk gekomen. Met vragen zoals ‘eet je altijd aan tafel’ en ‘wat doe je als je kind zijn bord niet leeg eet’ waren ze met elkaar in gesprek. Dit soort ontmoetingen zijn zo oud als de multiculturele samenleving maar toch is het altijd weer bijzonder als mensen zo met elkaar in gesprek gaan
“In ons land praat ik wel met de buurvrouw of met de familie over opvoeding, maar zoiets georganiseerd heb ik nog nooit mee gemaakt”, zei één van de Syrische moeders. Misschien is opvoeden hier meer een probleem dan in andere landen.